Maatwerk in de regio’s

Overheid en bedrijfsleven werkten samen aan een betere bereikbaarheid in de 12 drukste stedelijke regio’s. Dat gebeurde met een pakket concrete en meetbare maatregelen, waarbij de behoefte en het gedrag van reiziger en vervoerder centraal stonden. Elke regio heeft andere knelpunten en reizigers. Daarom is gekozen voor maatwerk. Want wat in Zuid-Holland werkt, hoeft in Groningen niet aan te slaan. De regio’s en bedrijven kwamen zelf met ideeën en initiatieven en zorgden voor cofinanciering.

Mix van maatregelen

Het ging bij Beter Benutten niet om één enkele maatregel, maar juist om de combinatie van maatregelen. Meer fietsenstallingen bij stations en betere reisinformatie, die gemakkelijk beschikbaar is. Kortere wachttijden bij sluizen, maar ook betrouwbare vaartijden. Al deze maatregelen samen zorgden voor een betere bereikbaarheid; daarom werd elke maatregel vooraf getoetst op resultaat.

Sleutelrol voor bedrijfsleven

Een bijzonder onderdeel van de regioprogramma’s was de samenwerking met het bedrijfsleven, met werkgevers om bijvoorbeeld werknemers minder in de spits te laten reizen. Dat deden ze met fiscale maatregelen, e-bike-acties en mogelijkheden om flexibel te werken. De inzet van werkgevers was erg belangrijk. Bedrijven deden mee omdat ze een aantrekkelijke, moderne werkgever wilden zijn. Daarnaast konden ze kosten besparen. Als reizigers structureel anders gaan reizen, verbetert de bereikbaarheid echt duurzaam.

Monitoring en evaluatie

Alle maatregelen van Beter Benutten richtten zich op een betere bereikbaarheid. De maatregelen werden vooraf getoetst op resultaat en er werd bekeken hoeveel ze aan de doelstelling bijdragen om 10 procent reistijdverbetering van deur tot deur in de spits in die drukste gebieden te realiseren. Dat gebeurde via een systeem van meten en evalueren, dat samen met de regio’s werd ontwikkeld en uitgevoerd.

Beter Benutten-aanpak

Vanaf 2011 werkte het programma Beter Benutten samen met de regio en het bedrijfsleven aan een betere bereikbaarheid. De ervaringen zijn gebundeld in de Beter Benutten-aanpak. Deze aanpak wordt ook na afloop van het programma doorgezet in de diverse regionale Bereikbaarheidsprogramma’s, het MIRT, en met maatregelen in het Mobiliteitsfonds. De aanpak kent vier onderdelen:

  • een brede probleemanalyse
  • potentiële kosteneffectieve oplossingen met kennis over gedrag van reizigers als uitgangspunt
  • samenwerking met andere partijen
  • meten is weten

Waarin is deze aanpak anders dan anders en hoe werkte het? Essentieel is dat we anders naar bereikbaarheid en bereikbaarheidsoplossingen keken.

Hoe? De ins en outs staan beschreven in Wegwijs, een handzame factsheet en in een presentatie.

Overige documenten die behulpzaam kunnen zijn staan in het bestandsarchief.