Bezig met laden...

De laadpaal is een raadpaal: wat je voor stroom betaalt, weet je vaak pas achteraf | Dutch Mobility Innovations | DMI

home "»" Community's "»" Dutch Mobility Innovations "»" artikelen "»" De laadpaal is een raadpaal: wat je voor stroom betaalt, weet je vaak pas achteraf
Dutch Mobility Innovations

Verlaat Community:

Weet je zeker dat je je lidmaatschap wilt verwijderen van

Word lid van deze Community:

Lid worden van deze community?

Navigatie-item bewerken

Vereist De naam die in de navigatie van de Community verschijnt.
Vereist
Vereist
Vereist De url kan verwijzen naar een interne of externe webpagina.
 
Login als je wilt volgen, delen of deelnemen in deze Community.
Nog geen lid?Registreer je Nu
De laadpaal is een raadpaal: wat je voor stroom betaalt, weet je vaak pas achteraf

De laadpaal is een raadpaal: wat je voor stroom betaalt, weet je vaak pas achteraf

 /5
0 (0stemmen)

Wie een elektrische auto overweegt, moet eerst over wat drempels heen, zoals het ‘gedoe’ met laden. Gelukkig groeit het aantal laadpalen hard. Maar wat een laadsessie precies kost, blijft nog vaak gissen.

Zeg nou zelf: wie heeft er een benzinepomp aan huis? Stroom is de enige energie die je gewoon thuis kunt tanken. Dat gaat traag (reken op een nachtje), maar is zelfs met de huidige elektratarieven financieel gunstig. Zeker als je zonnepanelen op het dak hebt liggen, wat bij twee op de drie stekkerautomobilisten het geval is, blijkt uit het EV en Berijdersonderzoek 2021.

De meest verkochte elektrische auto, de Tesla Model 3, heeft een batterij van 55 kWh. Pechvogels met een nieuw energiecontract die 70 cent per kilowattuur (kWh) moeten aftikken zijn dan 38,80 euro kwijt voor ‘een volle tank’. Daarmee kun je met redelijke weersomstandigheden en beschaafd rijgedrag bijna 500 kilometer rijden. Wel treedt er altijd laadverlies op, wat bij ‘stekkerladen’ bij deze Tesla 15 procent zou zijn. Daardoor kom je dik boven de 40 euro.

"Waar elke benzine­pomp de actuele literprij­zen van de daken schreeuwt, is de laadpaal nog vaak een zwarte doos die je pas achteraf de rekening presen­teert."

Eenmaal op de snelweg ben je veel duurder uit. Bij de snellaadstations van FastNed, Shell en Allego ligt het standaardtarief rond de 80 cent per kWh, oplopend tot 90 cent. Daar geldt ‘tijd = geld’, want na twintig à dertig minuten is de accu al goed gevuld.

Openbare laadpalen

Prijsbewuste elektrische rijders laden daarom buitenshuis bij voorkeur bij een gewone laadpaal in de straat, in een parkeergarage of bij een winkelcentrum. Inmiddels telt Nederland ruim 100.000 van deze openbare laadpalen; alweer 20 procent meer dan een jaar eerder. Het gebruik is simpel. Kwestie van een laadpas (of druppel-sleutelhanger) presenteren, de eigen kabel in de paal en auto prikken, en het lampje op de paal springt van blauw naar groen ten teken dat je sessie loopt.

Had je een paar jaar geleden nog een waaier aan passen nodig, tegenwoordig werkt elke Nederlandse laadpas met elke Nederlandse paal. Maar wát je dan precies voor je stroom betaalt, is voor de elektrische rijder vaak gissen. Waar elke benzinepomp de actuele literprijzen van de daken schreeuwt, is de laadpaal nog vaak een zwarte doos die je pas achteraf de rekening presenteert. Betaal je bij de ene laadpaal voor een kilowattuur iets meer dan 19 cent, bij de volgende kan dat gerust het drievoudige zijn.

Partijen

Dat komt doordat achter de laadstekker twee partijen schuilgaan die de prijs bepalen: de exploitant van de paal en je laadpasaanbieder. De paal staat op gemeentegrond en de laadpaalexploitant heeft onderhandeld over kosten en contractduur. Hij plaatste de paal en draagt zorg dat die blijft functioneren. Om te voorkomen dat je te veel betaalt, heeft de gemeente soms een maximum stroomprijs met de exploitant afgesproken. In Nederland zijn er tussen de twintig en dertig exploitanten actief, waarvan het trio TotalEnergies, Engie en Vattenfall het leeuwendeel van de markt bestrijken.



Zelf heb je voor een laadpas gekozen van een aanbieder die volgens jou de gunstigste prijs hanteert. Die regelt de facturatie en bepaalt de uiteindelijke prijs. Naast de vergoeding aan de paalexploitant zit daarin ook de marge voor zijn eigen diensten.

Vergelijkingssite

De uiteindelijke prijs die je voor een laadsessie betaalt, hangt dus af van de soort laadpas waarvoor je hebt gekozen en van de kosten van de specifieke laadpaal. Daar kunnen nog extra kosten bij komen, zoals parkeerkosten. Sommige laadpalen hanteren een start- en een uurtarief, om te zorgen dat mensen hun auto weghalen als de accu vol zit. Dat moet het ‘laadpaalkleven’ (lekker goedkoop parkeren) tegengaan.

Al deze componenten maken de laadprijs per kWh wel ondoorgrondelijk. Om wegwijs te worden uit welke pas voor jou het gunstigst is (bijvoorbeeld prepaid of soort abonnement) is de website laadpastop10.nl een aanrader. Die functioneert als een vergelijkingssite voor elektrisch rijden en presenteert op basis van jouw voorkeuren een actueel overzicht wat de gemiddelde prijs is, berekend per 200 kWh.

Aangezien de prijzen per dag kunnen veranderen, zou je het overzicht regelmatig moet raadplegen. De website adviseert beginnende elektrische rijders om gewoon een Nederlandse pas uit de top 10 aan te vragen – de pas zelf is doorgaans gratis – en dan na een tijdje te kijken hoe het actuele verbruik en de kosten zijn.

Ene paal is de andere niet

Sinds juli vorig jaar zijn de exploitanten van laadpalen en laadpasaanbieders verplicht om realtime informatie te verschaffen over de berekende prijs. Alleen beschikt niet elke paal al over een schermpje of de juiste software om die prijzen ook aan laadpasaanbieders door te geven. Als gebruiker moet je dan diep graven op de website of app van de exploitant. Of vind je na enig zoeken (geen pretje in het donker of de regen) een QR-code op de paal.


Edo Draaijer

© Edo Draaijer

Maar dan nog is het vaak ondoorgrondelijk. Want de stroomprijs kan bij eenzelfde exploitant sterk van paal verschillen. Neem een InCharge-laadpaal van Vattenfall. In de stad Utrecht rekent de energieproducent 52,32 eurocent per kWh, tegen 19,62 in Noord-Brabant en Limburg. Ook bij concurrent Allego kunnen grote prijsverschillen optreden. Dat hangt samen met de inhoud van het contract en het moment waarop dat met een gemeente of provincie is gesloten.

Weten wat je betaalt

Het blijft dus een beetje roulette wat je bij het gebruik van die openbare laadpaal moet afrekenen. Je weet het vaak pas achteraf. Meestal zal dat ergens tussen de 40 en 60 cent per kWh zijn. Wil je geen gedoe en ga je voor zeker, dan kun je dat regelen met de keuze van je laadpas. Met bijvoorbeeld een abonnement van de ANWB betaal je vier euro per maand, en reken je bij elk openbaar laadpunt in Nederland momenteel 43,9 cent per kWh af, zonder opstartkosten.

Wil je vooraf weten waar je aan toe bent, dan biedt de website op laadpalen.nl uitkomst. Die laat op de kaart alle vrije oplaadpunten in de buurt of op de plek van bestemming zien; door twee keer te klikken verklapt de paal dan ook de kWh-prijs. Niet heel gebruiksvriendelijk, maar beter dan niks.

Tijd voor de bankpas

Jaap Burger, expert elektrische mobiliteit bij de onafhankelijke denktank RAP, ziet vooruitgang, maar het moet wel sneller en beter, vindt hij. ,,Je weet als elektrische rijder nog steeds niet overal en altijd wat je gaat betalen. En je zou bij elke paal net zo simpel moeten kunnen betalen als in de supermarkt. Dat gaat ook gebeuren – en de EU gaat daarvoor zorgen. Kijk maar naar Groot-Brittannië. Daar was de laadinfrastructuur een zooitje. Maar nog net voor Brexit hebben ze daar snel de Europese richtlijnen geïmplementeerd. Daar kun je nu bij elke snellader zien wat je gaat betalen én dat kan contactloos. In Duitsland kun je ook al bij elk laadpunt zonder laadpas of app betalen. In Nederland zijn alleen de meeste snelladers al zo ver. Bij de gewone laadpalen is er nog serieus werk aan de winkel, zowel qua prijstransparantie als betaalgemak.’’

De huidige situatie, met almaar stijgende gasprijzen en grote onzekerheid, helpt de omslag naar elektrisch rijden niet. Burger: ,,De markt is onvoorspelbaar, maar je kunt wel zeggen dat er één trend is bij energiecontracten en die is naar boven. Daardoor zijn laadaanbieders gedwongen hun tarieven aan te passen. Heb je vorige maand net moeizaam uitgezocht wat je moet betalen, kun je dat volgende maand wéér doen.’’

Tot die tijd heeft Burger een gouden regel om de laadkosten in de hand te houden. ,,Langzamer rijden is altijd de beste manier om kosten te besparen. Ik rij nu precies honderd op de teller. Tien kilometer langzamer per uur, maar dat scheelt mooi vijftien procent elektriciteit. Tel uit je winst.’’

De ANWB werkt aan een rekentool voor laadkosten. Dat zal vaak een mix zijn, b.v. veel thuisladen (60 procent.), soms een laadpaal (30 pct.) en als het moet langs de snelweg (10 pct.). Of alleen laadpaal en snelweg (90-10 pct.) als thuisladen niet kan. Hier gaan we uit van 20,7 kWh laden voor 100km en 15.000 km per jaar.

Bron: AD

Opmerkingen (er zijn nog geen reacties)